donderdag 11 februari 2010

Weg met de tegenpartij!

In de jaren zeventig/tachtig kende iedereen eigenlijk wel De Tegenpartij. Deze partij die door Kees van Kooten en Wim de Bie was verzonnen voor hun televisieprogramma had 1 duidelijke lijn: ze waren overal tegen. De rolverdeling van Koot en Bie was duidelijk: Bie (alias Tedje van Es) was de domme kracht en Koot (alias F.Jacobse) was de gladde glibber. Dat het een parodie was, zal een ieder duidelijk zijn geweest. Toch hebben ze in de loop der jaren navolging gekregen van lieden die hun campagne helaas niet ironisch bedoelden.
• Nog even voor de nostalgie uit het verkiezingsprogram van De Tegenpartij
• Stemp de Tegenpartij!
• Samen voor ons eigen
• (de miljoenen van de pensioenen, de miljarden van het gas,) Geen gezeik, iedereen rijk, en in zijn sas
• Nergens geen maximumsnelheden! Honderdtwintig? Dat rijden wij al in z'n achteruit!
• Mogen wij éven overgeven?
• De Tegenpartij, de partij voor alle Nederlanders die niet meer tegen Nederland kenne


Een tijd lang (en eigenlijk nog steeds) was de SP de Tegenpartij. Weliswaar geen glibber als F. Jacobse of domme kracht als Tedje van Es aan de macht, maar men was wel altijd overal tegen. Het komt op mij altijd zo terriërachtig over. Zeker nu Agnes Kant bij de SP haar mannetje staat. Ze kijkt vals in de richting van haar tegenstander, bespringt (figuurlijk) haar onderwerp, blijft keffen (ook figuurlijk) als een hondje dat bijna gewurgd wordt door de strakke riem en kijkt daarbij alsof ze echt wil gaan bijten. Geen prettig gezicht.

Ook Rita Verdonk met haar Trots op Nederland is vaak tegen. Eigen ideeën zijn er niet veel, maar die van de anderen deugen in ieder geval niet. Ik heb trouwens nog steeds niet door op welk deel van Nederland ze trots is. Rita lijkt op een rottweiler. Ze heeft trouwens ook grote hondenogen, let maar eens op. Ze accentueert ze ook nog eens met dikke lijnen. Ze noemde zichzelf ooit rechtdoorzee, maar waar ze dan eindigt aan het eind van die zee? Misschien in Engeland (Rita rules the waves). Rottweilers staan niet bekend om hun denkvermogen. Ze gaan gewoon.

En dan nog Geert Wilders en zijn Partij van de Vrijheid. Ik denk niet dat veel mensen zich nog vrij zouden voelen als hij aan de macht komt in Den Haag. Als je hem met een hond wilt vergelijken zou hij het best vergeleken kunnen worden met een kruising tussen een poedel en een pitbull komen. En dat is eigenlijk een belediging voor de poedel, die toch bekend staat als een vriendelijk beest. Het gaat dan echt alleen om de haardracht. Voor de pitbull is het trouwens ook een belediging, want de meeste zijn toch echt niet zo slecht als de enkelingen die de krant halen omdat ze een kind ernstig hebben verwond. Dat soort pitbulls laat niet los (en hun favoriete plek is dan de strot).

Is Geert Wilders dan zo erg? Een groot deel van Nederland zou op hem stemmen als ze bij de gemeenteraadsverkiezingen de kans kregen. Hebben die mensen dan allemaal ongelijk? Beweer ik soms dat die mensen allemaal gek zijn? Nee, dat beweer ik niet. Geert Wilders is erg, dat wel. Hij is erg, omdat hij als politicus met vele jaren ervaring misbruik maakt van naïeve burgers. Hij geeft ze het signaal dat veel zaken misgaan in Nederland en dat dat voor een groot deel te wijten is aan de Islam. Hij noemt expres niet de mensen, maar hun godsdienst. Dat klinkt minder erg. Maar is dat ook minder erg?

Godsdiensten geven mensen steun, geven een kader om naar te leven, maar de boeken die de lijn uitzetten bieden ook ruimte voor misbruik. Hoe lang zijn homofielen niet verketterd, omdat men zei dat de bijbel hier duidelijk tegen was. Als de mensen die de bijbel schreven hadden geweten dat er ooit een Geert Wilders in Nederland zou zijn die de haarverf voor mannen zou ontdekken, hadden ze vast geschreven dat dit zondig was en verboden moest worden. En dat de persoon die zich hiertoe laat verleiden, verketterd moet worden. Als je alles negatief wilt uitleggen, kun je met de bijbel veel kanten uit. Met de Koran dan natuurlijk ook. Maar dat moet je niet willen. Ook niet als je van de partij van de Vrijheid bent. Juist niet als je van de Partij van de Vrijheid bent.

Hoe ze aan die naam zijn gekomen is me trouwens een raadsel. Wie is er nog vrij als Geert Wilders aan de macht komt? Volgens mij houdt die vrijheid alleen maar in dat je vrij mag roepen dat niets deugt. Maar wat schieten we daarmee op? De PVV roept dat het niet deugt, de kiezers vinden dat het niet deugt en stemmen massaal voor deze tegenpartij. Maar wie gaat er dan voor zorgen dat het wel deugt?

In de bijna vijftig jaar dat ik in Nederland rondloop, is me opgevallen dat ik het nooit moest hebben van de mensen die vinden dat iets niet deugt. Die mensen deugen zelf niet zo heel erg. Je moet het hebben van de mensen die alternatieven bieden om ervoor te zorgen dat het beter wordt. Mensen die met goede ideeën komen waar je je achter kunt scharen. Mensen die niet escaleren, maar nuanceren. Mensen die niet de schuld voor zaken die misgaan bij bepaalde groepen neerleggen. Waarom moet er eigenlijk altijd iemand schuld hebben? Leg dat eerst maar eens uit.

En voor vandaag eindig ik met een mooie slogan uit een reclamecampagne van Sire. Het is bedoeld om te wijzen op de verantwoordelijkheid van het individu. Samen maak je een samenleving waarin het prettig is te leven.

De maatschappij, dat ben jij!

woensdag 10 februari 2010

Wie is er bang voor de grote, boze wolf?

Als kind krijgt iedereen wel eens het verhaaltje voorgelezen van Roodkapje en de wolf. Je snapt als kind niet dat Roodkapje niet bang is voor de grote, boze wolf en je snapt ook niet waarom ze niet ziet dat de wolf in bed ligt in plaats van haar oma. Is ze dom? Is ze slechtziend waardoor ze denkt dat oma zich beter moet scheren? Is ze naïef? Ja, dat laatste is ze zeker. Ze merkt pas de persoonsverwisseling op als de wolf zijn tanden laat zien en daar ook nog eens duidelijk bij roept:” Met die tanden kan ik je lekker opeten”.

Daarna zit de schrik er goed in en kan Roodkapje gelukkig ontkomen aan de scherpe tanden met hulp van de boswachter. Gelukkig komt oma later ook nog uit de buik van de wolf tevoorschijn en ze leefden nog lang (Roodkapje in ieder geval, oma waarschijnlijk wat minder lang) en gelukkig.

Ja, zo gaat dat in een sprookje. Maar het echte leven is anders. Hoe anders vergaat het de mensen die leningen hebben afgesloten bij de DSB bank. Deze week was een mevrouw op televisie die vertelde dat zij en haar man geld voor een nieuwe auto hadden geleend. Het ging om ongeveer 22.000 euro. Zij hadden daar meteen 6 verzekeringen bij genomen op aanraden van de DSB adviseur. Het gevolg was dat ze nu al jaren een flink bedrag per maand betaalde, waarvan slechts 3 euro aflossing. Ze constateerde dat ze haar hele leven er niet meer af zou komen. Haar man was van alle problemen zo depressief geworden dat hij zelfmoord had gepleegd en eigenlijk zag zij het ook allemaal niet meer zitten. Ze leefden in ieder geval niet lang en gelukkig.

Ondanks de verschillen aan het slot van het verhaal, zit er toch veel overeenkomst in. Roodkapje was niet bang voor de wolf, het echtpaar was niet bang voor de financiële verplichtingen die ze zich op de hals haalden. Waren ze dom? Waren ze slechtziend zodat ze de kleine lettertjes niet konden lezen? Waren ze naïef? Ja, dat laatste waren ze zeker. Waarom dachten ze dat ze met de aanschaf van een auto 6 verzekeringen nodig hadden? Waarom keken ze alleen naar het totale maandbedrag dat ze zouden moeten betalen en niet naar het bedrag dat ze maandelijks zouden aflossen? Deze vragen werden niet gesteld en dus ook niet beantwoord. Het was het echtpaar overkomen. Zo werd het in ieder geval door het tv programma gepresenteerd. Maar er was geen boswachter om ze te redden.

Het lijkt wel of zich in Nederland een grote ramp heeft afgespeeld en we met zijn allen slachtoffers zijn geworden. Niet alleen door grote, boze wolf Dirk Scheringa (al wordt hij door sommigen ook weer als slachtoffer gezien), maar door alles en iedereen. Elke fout die we zelf maken, maken we door iets of iemand anders. Eigen verantwoordelijkheid zijn twee woorden die veel mensen niet meer kennen. Een hypotheekbank is schuldig die ons in de verleiding brengt om een huis aan te schaffen dat we eigenlijk niet kunnen betalen. De politieman is schuldig die ons bekeurt wegens te hard rijden (wat een eikel!). De reclame is schuldig, want nu kopen we allerlei nieuwe apparatuur op afbetaling tegen woekerrentes. Ja, iedereen wil toch een:

I Phone (welke loser heeft er nog geen? Wie eindigt zijn mailberichten nog niet met; verstuurd vanaf mijn I Phone?)

een dvd speler in de auto (“Ja, zo houd je ze zoet tot Zuid-Frankrijk, hè)

lcd tv (maakt niet uit dat er niets leuks op te zien is, je hebt in ieder geval het nieuwste model)

nieuwste en grootste auto uit de straat (Piet heeft een grotere dan ik, dat kan natuurlijk niet. Die sukkel!)

kinderen in de nieuwste mode (“ Ja, schattig, hè, kost bijna niets bij Esprit!)
op vliegvakantie naar Tenerife in de winter (“Oh, wat zijn we toch wit! Echt niet leuk meer . Je hebt eigenlijk geen keus, hè. Je moet wel”)

Maar we hebben wel degelijk een keus. De kinderen kunnen in de auto ook vermaakt worden met alle gele auto’s tellen, of alle stationwagons. Of ze kunnen veertigduizend keer “een potje met vet” zingen van Beverwijk tot Zuid-Frankrijk. Of gewoon lekker laten bekvechten, is ook een optie.Je kunt ook niet zo ver met vakantie gaan. Overijssel is ook erg mooi en je hoeft geen tol te betalen. Als je het accent eenmaal door hebt, is de taal ook geen probleem meer. Je kunt een tweedehands auto kopen in plaats van een nieuwe. Hoef je meteen niet meer zo bang te zijn voor krassen. De kinderen spelen het liefst in makkelijke trainingspakken in plaats van designkleding, internetten hoeft niet perse op de I Phone, maar kan ook op een gewone, vaste computer. En op Tenerife kan het ook slecht weer zijn!

We zijn geen slachtoffers van de grote, boze buitenwereld. We zijn slachtoffers van onszelf. We hebben wel degelijk een keus. Het gaat erom dat je de goede maakt. Alles wat te mooi lijkt, is ook te mooi. Dat is mijn uitgangspunt. Er zit dan altijd wel een addertje onder het gras.

Trap er niet in. Neem verantwoordelijkheid over je eigen leven en beperk jezelf in je wensen als je financiële mogelijkheden beperkt zijn. En dat zijn ze eigenlijk bij iedereen die niet de eigenaar is van Microsoft of Koningin der Nederlanden. Dan hoef je ook niet meer bang te zijn voor de grote, boze wolf. En dan leef je nog lang (hopelijk) en in ieder geval gelukkig.

dinsdag 9 februari 2010

Goedkope huurwoningen, maar liever niet in Uitgeest!

In het Dagblad Kennemerland van 9 februari staat een interessant stuk over de teruglopende verkoop van woningen in Uitgeest. De plaatselijke vereniging van woningbezitters (AVBU) meldt dat er in 2009 ruim 57 procent minder huizen zijn verkocht dan in 2007. Ook de gemiddelde opbrengst ging fors omlaag, ruim 5 procent. Tot nu toe een duidelijk verhaal. Of je er meteen conclusies aan moet verbinden weet ik niet. Maar dat doet Jo van Dam (het boegbeeld van AVBU) wel. Alleen de conclusies zijn totaal anders dan je zou mogen verwachten.

Als eerste stelt hij dat het duidelijk is dat het in Uitgeest onmogelijk is om goedkope appartementen te bouwen. Als uitleg geeft hij dat de gemiddelde meterprijs net zo hoog ligt als die van vrijstaande woningen. Wat wil hij nu hiermee bewijzen? Er zijn blijkbaar onverkoopbare dure appartementen, maar waarom het niet mogelijk zou zijn goedkope appartementen te bouwen legt hij helemaal niet uit. De projectontwikkelaars hebben gewoon te hoog ingezet. Kopers van dure appartementen mijden blijkbaar Uitgeest. Potentiële kopers van goedkope appartementen krijgen niet eens een kans.

Verder stelt hij dat de politiek af moet van de wens om goedkope huurappartementen te bouwen, die door de vrije woningmarkt ten goede komen aan de hele IJmond. Hij vindt dat de gemeente eengezinswoningen moet bouwen. Natuurlijk, iedereen wil het liefst een huis met een tuintje, ook in Beverwijk. Maar is die wens voor iedereen haalbaar, vooral financieel gezien? Natuurlijk niet. En heeft Uitgeest een grote voorraad goedkope huurwoningen? Al helemaal niet! Ik heb net even op de sites gekeken, maar als je een bedrag rond de 400 euro intypt, word je meteen doorgeschakeld naar een eenkamerwoning in Alkmaar. Er zullen best veel mensen een goedkoop huurappartement in Uitgeest willen betrekken. Alleen dhr. Van Dam wil blijkbaar ‘arme’ inwoners uit andere delen van de IJmond weren. Liever ziet hij werkende en jonge (blijkbaar kapitaalkrachtige) gezinnen zich vestigen.

Waar heeft dhr. Van Dam de laatste jaren gewoond? Op een andere planeet of zo? Welke gemeente van de IJmond heeft nu veel goedkope huurappartementen waar door de vrije woningmarkt alle IJmonders gebruik van kunnen maken? Dat is toch zeker Beverwijk! In Beverwijk hebben we een ruim aanbod van goedkope huurwoningen die ten goede komen aan alle IJmonders. Studenten, mensen met een krappe beurs, pardonners, die komen ruimschoots aan bod in Beverwijk. Is Beverwijk daar altijd blij mee? Nou, dat valt nog te bezien. Wij hebben veel mensen in onze gemeente die aanspraak maken op kwijtschelding voor gemeentelijke belastingen en die ook gebruik maken van regelingen binnen het minimabeleid. Het kost dus de gemeente Beverwijk geld en in tijden van bezuinigingen is dat heus niet positief.

Maar wij bieden wel een kans aan mensen met de laagste inkomens om ook een huishouden te voeren. Hebben die mensen soms geen recht op een woning? De gemeentes zouden allemaal hun verantwoordelijkheid moeten nemen om te zorgen dat er ook voor de laagste inkomenscategorie voldoende woningen beschikbaar blijven. Dat heeft te maken met solidariteit. Solidariteit tussen mensen en ook solidariteit tussen gemeentes. Dat zal het gemeentebestuur van Uitgeest heel goed begrijpen en het zou fijn zijn als zij zich in de toekomst toch sterk maken voor goedkope huurwoningen in Uitgeest. En misschien kunnen ze dhr. Van Dam dan even bijpraten. Kan hij daarna weer terug naar Mars.

maandag 8 februari 2010

Plezier in communicatie?

Vrijdag mocht ik, samen met enkele leerlingen, de officiële openingshandeling verrichten van het ESM plein in Beverwijk. ESM staat voor kinderen met ernstige spraak- en taalmoeilijkheden. Het ‘plein’ is gevestigd bij de school De Zeearend, waar enkele lokalen leegstonden. De Professor van Gilseschool wilde deze kans aangrijpen om het mogelijk te maken dat kinderen met communicatieve problemen ook dichtbij huis naar school kunnen gaan. Tot dan waren ze vanuit de gemeentes Heemskerk, Uitgeest en Beverwijk altijd met busjes naar Haarlem vervoerd, waardoor vooral de jongste leerlingen erg moe waren aan het eind van een schooldag.

Wat een geweldig idee! Het is fijn dat deze kinderen niet meer zo ver hoeven te reizen. Ze kunnen na schooltijd weer lekker buiten spelen in hun eigen buurt. Dit is een groot voordeel waar ook de ouders heel blij mee zullen zijn.

Maar nog meer goed nieuws: peuterspeelzaal De Ster heeft zich ook in de school kunnen vestigen. Deze peuterspeelzaal heeft een groep van maximaal 10 peuters van 2 tot 4 jaar met ernstige spraak- en taalmoeilijkheden. Op een positieve manier leren peuters spelenderwijs met anderen te communiceren. Plezier in communicatie staat daarbij voorop. Kinderen kunnen doorstromen van De Ster naar de basisschool Prof. Van Gilseschool en blijven dan in hetzelfde gebouw wat de kinderen natuurlijk een veilig en vertrouwd gevoel geeft. Fantastisch dat we deze voorziening nu ook in Beverwijk hebben.

Plezier in communicatie. Dat is iets waar veel politici nog een puntje aan kunnen zuigen. Het lijkt er vaak meer op dat ze plezier hebben in egotripperij. Hoezo communicatie? Dat begint met goed luisteren naar wat de ander zegt. En dat wordt toch vaak gezien als zonde van de tijd. Zo viel het me op tijdens de communicatie in Den Haag over het verhogen van de AOW leeftijd, dat tegenargumenten van tafel werden gezwiept, dat er geen plaats was voor nuancering en dat het een kwestie leek van tien keer hetzelfde verhaal oplepelen in de hoop dat het dan wel begrepen zou worden (lees: door de strot geduwd).

Ik begreep het echter al vanaf het eerste moment dat de discussie startte. Ik snap heus wel dat het ‘een probleem’ is dat mensen langer leven. Ze kunnen langer gebruik maken van AOW of pensioen en dat valt niet meer op te brengen met de premies die ze zelf betaald hebben. Maar wat ik niet begreep was de communicatie in de richting van het grote publiek.

Vraag: Waarom werd de generatie van 55+ ontzien door pas op 1 januari 2010 te starten met deze maatregel?
Antwoord: Omdat ze al oud zijn. Je kunt niet van deze mensen verwachten die al die jaren premies hebben betaald om hier nog op in te kunnen spelen.
Burger denkt: Die van 51, 52, 53 en 54 met minimumloon kunnen dat zeker wel? Wat je niet hebt, kun je ook niet inzetten om te sparen voor je pensioen. Hier praat duidelijk weer de Haagse kliek onder de glazen stolp.

Vraag: Wat te doen met zware beroepen?
Antwoord: Die gaan we ontzien (als de sociale partners hebben bepaald welke dat zijn) en mensen mogen niet hun hele carrière zwaar werk doen, ze moeten eindigen op een administratieve functie.
Burger denkt: Wat zijn dan die zware beroepen? Oh, leraren toch in ieder geval niet? Hoeveel van die administratieve functies zijn er dan beschikbaar? Voor elke buschauffeur een plek op kantoor? Wie dat zegt is toch gek!Op welke planeet leven die mensen in Den Haag?

Vraag: Kan er niet beter een positief beleid worden ingezet, waarin mensen gestimuleerd worden langer door te werken?
Antwoord: Het kabinet vindt deze maatregel om de solidariteit tussen generaties te bewaren de beste manier om dit te bereiken. Het zijn harde tijden, we moeten met zijn allen de schouders er onder zetten om te voorkomen dat de AOW onbetaalbaar wordt.
Burger denkt: Ja, ja, nu is het weer met zijn allen, wanneer betalen al die babyboomers die er met 55 zijn uitgegaan met gouden vertrekregelingen nu eens mee? En die Haagse kliek met hun goede inkomens hebben makkelijk praten over solidariteit. Die stoppen echt wel eerder als ze hun zakken gevuld hebben met onze belastingcenten.

Het kabinet had duidelijk geen zin in en al helemaal geen plezier in communicatie. Ik heb Wouter Bos nog nooit met zo’n grimmige uitdrukking op zijn gezicht de (non-)discussie zien voeren. Men had zich vastgebeten in dit onderwerp dat zo snel mogelijk besloten moest worden. Het had eigenlijk weinig weg van communicatie, het was meer eenrichtingsverkeer. Het onderwerp is er min of meer doorheen gejast. De problemen in de uitvoering zullen toch pas veel later blijken! Na ons de zondvloed.

De komende jaren verandert er gewoon helemaal niets. De laatste van de babyboomers stromen uit met hun gouden vertrekregelingen en de ‘verloren generatie’ (de veertigers en beginvijftigers van nu) blijft achter om de troep op te ruimen. Zij zullen degenen zijn die tegen de problemen oplopen. De rijkeren onder hen kunnen flink gaan sparen en zullen echt niet tot hun 67e hoeven te werken. Maar de categorie mensen die op of iets boven het minimum uitkomt, zal niets kunnen regelen om eerder met werken te stoppen of in ieder geval minder te gaan werken. Den Haag heeft besloten.Discussie gesloten.

“Volgende onderwerp, mevrouw de voorzitter”.

vrijdag 5 februari 2010

Uitgepolderd met de grenzeloze generatie!

De laatste tijd hoor en lees je veel over de grenzeloze generatie. Dat is de groep jongeren die nu tussen de 15 en 25 jaar oud zijn. Zij worden ‘ grenzeloos’ genoemd, omdat zij de eerste generatie vormen die opgroeit zonder duidelijke grenzen die ze van de ouders meekrijgen. De opvoeding is veranderd van een richtinggevende (“Ik verwacht van jou dat…” of zoals in de jaren zestig :”Jij moet…”) in een poldermodel waarbij ouders veel moeite doen om vriendjes te blijven met hun kinderen. De jongeren van nu hebben problemen om binnen bepaalde grenzen te blijven en iets vol te houden waar ze mee begonnen zijn. Ze zijn door hun ouders teveel op een voetstuk gezet en ontwikkelen zich daardoor tot narcistische en op zichzelf gerichte mensen die een tegenslag niet makkelijk accepteren. Dat is tenminste de analyse die ik deze week in Netwerk hoorde.

73% van alle Nederlanders vindt dat ouders te weinig grenzen stellen en zelfs van de jongeren is 55 % het hiermee eens. Er moet strenger worden opgevoed vindt 65% van de Nederlanders en 51% van de jongeren.

Toen ik student was in de jaren ’80 was er voor mijn generatie ook een naam verzonnen; de ‘verloren’ generatie. Ik hoorde die term voor het eerst toen ik 22 was. Je had de vooroorlogse generatie, de babyboomers en daarna kwam dan de ‘verloren generatie’. Hoezo verloren? En van wie dan? Ik snapte niet waar ze het over hadden. We stonden nog aan het begin van ons volwassen leven en we hadden blijkbaar al een etiket opgeplakt gekregen met een duidelijk negatief stempel. Welkom in de wereld van de verloren generatie. Het woord “verloren” had te maken met de hoge werkloosheid in de jaren ’80 waar vooral de jongeren verloren van de babyboomers die stevig in het zadel zaten en de banen bezet hielden zodat veel jongeren niet aan de bak kwamen. Was er nog hoop voor onze verloren generatie of waren we voorgoed afgeschreven?

Dat bleek toch nog wel mee te vallen. Ik ken veel generatiegenoten die heel goed terecht zijn gekomen en de posities van de babyboomers hebben overgenomen. Tenslotte gaan die nu ook in grote getalen met pensioen, dus ze zijn gewoon ‘exit’. Ik had ook jaren niet meer nagedacht over ons, de verloren generatie, tot nu opeens volop de discussie losbarst over de grenzeloze generatie. Want wie heeft die grenzeloze jeugd met al zijn problemen tenslotte opgevoed? Dat zijn wij, de verloren generatie. Zouden we ook nu weer verloren hebben, maar dan van onze eigen kinderen? Wij hebben onze kinderen teveel als ‘vrienden’ opgevoed, dachten dat we het poldermodel ook bij het opvoeden moesten toepassen en vonden het moeilijk om duidelijke grenzen te stellen, want dat hoort niet bij het poldermodel. In overleg moet je eruit zien te komen. We moeten het vooral “leuk” hebben met onze kinderen.

Hoe herkenbaar! Toen mijn oudste zoon in ’86 geboren werd, dacht ik ook; “Wat er ook gebeurt, ik wil vooral een vriendelijke ouder zijn die overal over kan praten en overleggen met mijn kind(eren).” Dat leek een paar jaar goed te gaan, tot mijn zoon zich ontwikkelde tot een kleuter met wie vaak geen land te bezeilen was. Er waren nog geen nanny’s op de televisie die goede tips gaven, dus we moesten zelf op zoek naar hulp. Die vonden we en wat bleek? Het lag aan ons. Wij stelden geen duidelijke grenzen. We moesten voortaan duidelijker aangeven wat we van hem verwachten en wat de consequenties zouden zijn als hij zich niet aan afspraken hield. Het bleek niet makkelijk, want behalve het stellen van grenzen, moesten die ook nog bewaakt worden. Als we naar de speeltuin gingen, meldde ik van te voren dat we om half vijf weer weg zouden gaan. Vlak voor de eindtijd waarschuwde ik nog dat het bijna half vijf was en om klokslag half vijf ging ik staan en kondigde stellig aan dat we nu echt gingen. Gelukkig, het werkte wel. Niet meer eerst drie keer toegeven : “Ok, nog heel even dan”, niet meer met een krijsend kind de speeltuin onder het oog van alle andere ouders te hoeven verlaten. Grenzen stellen, dat was de magische toverformule.

Maar na enkele jaren sloop het poldermodel er weer in. De kinderen bleven op zoek naar grenzen en wij gaven ze niet altijd duidelijk aan. Doordeweeks om kwart over elf thuis is altijd een Beverwijks kwartiertje later. Elke dag de cavia’s andijvie geven leidt tot een dieet van drie dagen wel, vier dagen niet. De vraag om op te ruimen kan net zo goed niet gesteld worden, want er blijven altijd vier tassen liggen in de kamer. “Ja, zeg,” ik heb ze toch volgende week weer nodig!”De computer kan nooit uitgezet worden als het volgens ons tijd is. Er moet altijd nog even gedag worden gezegd tegen een vriendin, er was nog even iets op de site van school wat gecheckt moet worden, of het favoriete liedje is nog niet op zijn eind. Maar, toen ik vanmorgen hoorde van mijn dochter dat haar vader toch zo’n ongelooflijke streek had uitgehaald, bleek hij gewoon zijn grenzen heel duidelijk te hebben aangegeven. Hij had de computer zo geprogrammeerd dat ze er om kwart over elf af werd gegooid. De grenzeloze generatie liep tegen een muur aan en dat kwam hard aan.

Toen ik uitlegde (poldermodel) dat ze het aan zichzelf te danken had omdat ze nooit stopte als wij een grens hadden gesteld, kwam dat niet over als een redelijk argument. Ze hoort blijkbaar niet bij de 51% van de jongeren die vinden dat ouders strenger moeten opvoeden. Maar wij zijn uitgepolderd! We hebben er genoeg van. We hebben al een keer verloren van de babyboomers, we willen niet ook nog verliezen van de grenzeloze generatie.

woensdag 3 februari 2010

SMART versus slim

SMART: Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdsgebonden. De trend is enkele jaren geleden ingezet. Opeens moest alles SMART zijn. Maar waarom moet dat dan? Dat moet van de mensen die de term omarmd hebben. Alles wordt beter als we SMART werken, als je de fans moet geloven. Ook binnen de gemeente hoor je het steeds. Waarom is dat beleidsstuk niet SMART gemaakt? Het lijkt wel een kader waarop alles wordt afgemeten, net als vroeger het keurmerk van de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen.

De vraag is of het nu wel zo goed is om alles SMART te maken. En kan het überhaupt wel altijd en voegt het dan iets toe?

Bijvoorbeeld: als je stelt dat de politie dit jaar 500 bekeuringen meer moet uitschrijven dan vorig jaar. Zo’n soort SMART doelstelling heb ik wel eens in een presentatie gehoord. Het is specifiek, want het gaat om bekeuringen. Iedereen weet waar we het over hebben. Meetbaar is het ook, je hoeft alleen tot 500 te kunnen tellen. Acceptabel is het ook wel, al zullen degenen die de bekeuring krijgen daar anders over denken. Realistisch lijkt me ook geen probleem, want er worden veel meer overtredingen gemaakt dan 500. Tijdsgebonden ook geen probleem, het moet in 1 jaar tijd gebeuren. Maar waarom moet het dan? Dat wordt er niet bij vermeld. Moet dat omdat het moet (van de mensen van SMART), of moet het omdat er nu veel te weinig mensen worden bekeurd, waardoor men de politie niet serieus meer neemt? Geen idee, maar het wordt geslikt als zoete koek, want het is SMART.

Moeilijker wordt het als het gaat om een onderwerp als onderwijsachterstandenbeleid. Als je in een beleidsstuk schrijft “ we willen 100% bereik van doelgroepkinderen", weet je al dat dit wel heel SMART gesteld is, maar dat deze wens tegelijkertijd een utopie blijft. Hoe bereik je ooit alle kinderen die onderwijsachterstandenbeleid nodig hebben? Je kunt er alles aan doen. Je kunt de doorverwijzing naar peuterspeelzalen (waar zo’n onderwijsachterstandenprogramma wordt aangeboden) verbeteren vanuit de consultatiebureaus. Je kunt zorgen dat de tarieven omlaag gaan voor de ouders van deze kinderen. Daar stelt het Rijk nu ook geld voor beschikbaar. Maar je kunt ouders niet dwingen die niet willen. Je kunt de kinderen niet onder moeders rokken vandaan sleuren en je kunt niet de politie erop af sturen om 1 van die 500 extra bekeuringen uit te schrijven.

Een ander onderwerp wat moeilijk SMART te maken is onderwijs. Natuurlijk, het onderwijs werkt zelf met cijfers. Er wordt genoeg gemeten. De rapportcijfers meten de resultaten van de leerlingen. Maar hoe kan het dat klas a met leraar a voor Frans gemiddeld een 7 staat en klas b met lerares b nog niet aan een 6 gemiddeld komt? Dat komt echt niet omdat de ene klas zoveel slimmer is. Er spelen veel meer factoren mee en een belangrijke is de menselijke factor; hoe goed geeft de docent les, hoe streng kijkt hij/zij na, wordt het huiswerk wel goed nagekeken, etcetera. Toen ik nog brugklasmentor was werkten we aan een plan om ervoor te zorgen dat de leerlingen beter hun huiswerk zouden maken. Maar dan werd meteen verwacht dat we SMART doelen zouden stellen. We zouden een nulmeting moeten gaan doen en dan na een jaar kijken hoe de cijfers omhoog zouden zijn gegaan. Maar het goed maken van huiswerk garandeert helemaal niet dat de cijfers omhoog gaan! Leraren maken vaak een norm voor een proefwerk aan de hand van het gemiddelde van de klas. Neemt het gemiddelde aantal goede antwoorden toe, wordt de norm naar beneden bijgesteld. Hoezo hogere cijfers?

Als een school een slagingspercentage havo van 97% heeft, kan dat betekenen dat op die school in havo 4 veel leerlingen blijven zitten. Een school met een slagingspercentage van 87% heeft misschien bijna geen zittenblijvers in havo 4. Welke van de twee is SMART? Misschien moeten we het aan de mensen van SMART vragen.

In het Engels betekent SMART ‘slim’ . Maar gebruik de term dan ook slim. Cijfers zijn handig als indicator, monitoren en vergelijken is op zich goed. Maar houd goed in de gaten dat cijfers niet alles zeggen. Soms zijn er veel inspanningen nodig om een situatie niet verder te laten verslechteren. Dan stijgen de SMART cijfers dus niet. Het lijkt dan een mislukking als je het SMART bekijkt, maar dat is niet zo.

Niet alle cijfers kun je telkens maar laten stijgen en een doelstelling van 100% klinkt leuk, maar is niet realistisch. De dag dat 100% van alle havo leerlingen slaagt, is de dag dat het onderwijs failliet is. Dan zijn de eisen blijkbaar zo teruggeschroefd dat iedereen slaagt of de toelating is zo stringent dat alleen kinderen met havo/vwo cito niveau nog op de havo mogen beginnen zodat de kans op falen zo gering mogelijk is. Dit is misschien een gechargeerd voorbeeld, maar er zit een kern van waarheid in.

Conclusie: denk SMART als het kan, maar denk slim als het moet!

dinsdag 2 februari 2010

Beverwijk kan beter!

Dankzij Dagblad Kennemerland ben ik op de hoogte van het bestaan van het filmpje “Beverwijk kan beter”van Groen Links. Nu sta ik altijd open voor verbeteringen, dus ik ben meteen naar www.Beverwijkkanbeter.nl gegaan voor adviezen van Groen Links.

Het filmpje begint met de crash van Wall Street. Allemaal namen van bedrijven die min of meer de oorzaak zijn geweest van de economische crisis waar ook Nederland in is beland. Daarna een stukje landelijke politiek. Balkenende geeft aan dat dit de ernstigste recessie sinds tijden is en Femke Halsema heeft het over gerichte investeringen, die we moeten gaan doen voor een verantwoorde economische groei. Niks mis mee, Femke is een slimme meid! Net zo slim als het college en de raad van Beverwijk die de economie willen stimuleren door te investeren in een nieuw stadhuis, verplaatsing van Heliomare naar een toplocatie op het Stationsplein, Wijkerbaan en nog meer.

Daarna gaan we eindelijk over naar Beverwijk. Maar wat kan er voor Beverwijk nu beter volgens Groen Links? Ze willen de Voedselbank. Maar die is er al. Ze willen een cultuurcentrum in Wijk aan Zee. Maar dat tijdelijke cultuurcentrum aan De Relweg komt er ook al. Dat heeft het huidige college nog geregeld. Dan wil men nog een buurtcentrum in De Broekpolder. Dat is nu ook vrijwel gereed. Nog meer wensen: het zwembad! Is er ook al en heeft nu zelfs een nieuwe lift. Het theater, de bibliotheek, dat zijn toch ook zaken die al lang bestaan en aan kwaliteit enorm gewonnen hebben de afgelopen jaren.

Dus wat wil Groen Links nu zeggen met dit filmpje? Ze willen Beverwijk helemaal niet beter hebben. Ze vinden Beverwijk goed zoals het nu is en willen dat zo houden. Maar zeg dat dan! Dan zitten we op hetzelfde spoor. Maar doe dan niet eerst alsof Groen Links allerlei nieuwe ideeën voor Beverwijk heeft. Ik wil ze trouwens nog wel wat suggesties aan de hand doen, we doen het tenslotte samen in de politiek, toch?

Meer activiteiten op straat voor de jeugd! Laagdrempelig, gratis toegankelijk, op beweging gericht. Meer aandacht voor een gezonde leefstijl voor de aandachtsgroepen minima, ouderen, jeugd. Educatieve projecten op De Baak voor de scholen. Ook educatieve projecten op het gebied van het voorkomen van schulden bij de jeugd. Bredere aandacht voor onderwijsachterstanden; niet alleen op taal gericht, ook op rekenen. Ondersteuning van de activiteiten in het cultuurcentrum in Wijk aan Zee. Opknappen van de speeltuinen zodat de jeugd veilig kan spelen en ouders elkaar kunnen ontmoeten.

Hier had je toch ook een leuk filmpje over kunnen maken? Maar mijn conclusie na het bekijken van het huidige, wat conservatieve filmpje en na het bestuderen van de site van Groen Links (trouwens bij de poll heb ik gestemd op andere combinatie!) is:
Beverwijk kan niet heel veel beter, Beverwijk moet de kwaliteit behouden die het heeft!

Als we dat kunnen bereiken de komende jaren, waarin de gemeente de klappen van de recessie in het gemeentefonds zal gaan voelen, zijn we spekkoper.